2

Hoe?

Met MijnPortret maakt de begeleider een ‘portret’ van elk kind. Op één voorgestructureerd blad beschrijft de begeleider zijn/haar beeld van het kind; hoe hij/zij het kind kent.

In MijnPortret overloopt de begeleider een aantal rubrieken:

  • inschatting van het welbevinden en de betrokkenheid op een 5-puntenschaal
  • welke de interesses zijn van het kind en de relaties met anderen
  • hoe de ontwikkeling verloopt op negen gebieden
  • welke vragen de hij/zij heeft aan de ouders
  • welke acties hij/zij kan ondernemen voor dit kind

Afhankelijk van de situatie kan het portret drie tot vijf keer per jaar ingevuld worden.
MijnPortret wil een zicht krijgen op ‘wie dit kind nu is’. Daarom wordt de beleving van het kind in beeld gebracht, samen met zijn/haar interessegebieden en een kijk op zijn/haar relaties met anderen. De ontwikkeling wordt gevolgd in 9 ontwikkelingsgebieden: grote motoriek, kleine motoriek, taal, sociale ontwikkeling, logisch en wiskundig, begrijpen van de fysische wereld, goed in je vel zitten, muzische expressie en zelfsturing/ondernemen.